Weg met de weegschaal

Miss Piggy. Ursula de zeeheks. Allebei zijn ze dik en allebei horen ze thuis in mijn vroege kindertijd. Dagenlang heb ik geprobeerd om het lijstje langer te maken, maar het lukt me niet. Ja, naamloze grootmoeders uit tekenfilms, die horen er misschien ook op thuis, maar tekenfilmgrootmoeders moeten dik zijn. Dat is de wet in sprookjesland. De theepot uit Belle en het Beest wordt op het einde ook een gezet oud vrouwtje. Aha! Daar is nummer drie op de lijst. Mevrouw Tuit, Miss Piggy en Ursula: de enige rolmodellen voor kleine dikkertjes aller landen en dus ook voor mij.

Enkele jaren later kwam Monica in mijn leven. Monica woonde met haar vijf vrienden in New York. Ze had een leuke job, een spannend liefdesleven, en tijd genoeg om iedere dag urenlang met haar vrienden in het lokale koffiehuis rond te hangen. Maar Monica had een duister geheim. Vroeger, in haar tienerjaren, heette ze Fat Monica. Want ze was toen dik, snap je? En dikke personages zijn alleen maar interessant door hun gewicht, begrijp je?

De laatste aflevering van Friends dateert al van 2004, en koffiehuis Central Perk is ondertussen waarschijnlijk al lang een Starbucks geworden, maar Fat Monica is mij altijd blijven achtervolgen. Ze was als het ware een streefdoel. Als Fat Monica zichzelf kon omtoveren in Monica, dan kon ik dat ook. Eindelijk zou de wereld mij zien voor wie ik ben en niet voor hoe ik eruitzie, want dunne mensen zijn complex en worden niet herleid tot een getal op de weegschaal of een letter op het kledinglabel.

Onze cultuur is doordrongen van dat fantasietje. De dieetindustrie verdient er miljoenen door. “Verlies dat overtollige gewicht en leef eindelijk ten volle”, het zou zo de slogan van WeightWatchers kunnen zijn. Een enkeling zal wel het gewenste resultaat bereiken door punten te tellen of maaltijdvervangers te drinken. Dat de kilo’s er bij zowat negentig procent van de mensen al snel opnieuw aanvliegen, hoort de industrie liever niet.

Terwijl iedereen op 31 december luidop goede voornemens maakte voor dit jaar – stoppen met roken, eindelijk dat boek schrijven – heb ik heel stilletjes voor mezelf de keuze gemaakt. Weg met de weegschaal. Weg met de lege slogans. Weg met de impliciete boodschappen van onze fantasiecultuur.  Dikke mensen zijn de enigen die geprezen worden om hun eetstoornissen en daaraan werk ik niet meer mee.

“Maar diabetes! Kanker! Hart- en vaatziekten”, roepen willekeurige mensen die denken dat ik moet luisteren naar hun mening over mijn lijf. Ernstige ziektes, ja. En soms sterven mensen er ook aan. Maar correlatie is geen causaliteit. Ik heb een rots in mijn tuin. Er zitten geen tijgers in mijn tuin. Die rots houdt tijgers weg? Niet dus.

Onlangs was het weer zover. “Je moet echt naar die nieuwe reeks kijken. Een van de personages doet mij echt sterk aan jou denken”, zei een vriendin. Oh? Zingt ze ook luidkeels mee als Wannabe van de Spice Girls op de radio is? Kan ze ook geen enkele boekenwinkel voorbijlopen zonder minstens twee nieuwe boeken te kopen? Wacht, wacht. Ik weet het. Ze wil een tattoo, maar is ook bang van de naald. Nee? Wat dan wel? Oh.

Ik lees, ik schrijf, ik brei, ik kook, ik zing, ik lach. En ik ben dik. So what?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *