Sensatiezucht

Vlaamse journalisten zaaien paniek met hun wijze van berichtgeving. Ze strooien gul met de woorden bommelding, terreur en aanslag. Woorden die tegenwoordig vooral in verband gebracht worden met de terreurbeweging Islamitische Staat. Het veelvoudig gebruik ervan geeft lezers het gevoel dat Daesh alomtegenwoordig is. Media helpen terroristen op die manier een handje bij het verspreiden van angst onder de bevolking.

Neem nu het recente incident in Antwerpen waarbij bleek dat een man, die aan hoge snelheid de Meir afreed, wapens in zijn auto had. Onmiddellijk verschenen er artikels op nieuwssites die meldden dat er mogelijk een terroristische aanslag was vermeden.

Het woord ‘mogelijk’ toevoegen om over een aanslag te kunnen spreken, dat ruikt naar voorbarigheid en sensatiezucht.

Anderen

Bart Eeckhout, opiniërend hoofdredacteur van De Morgen, schuift de schuld in de schoenen van Bart De Wever (DM: 23/03). De Antwerpse burgemeester (NVA) veroorzaakte volgens hem angst en speculatie. De Wever moest het t-woord niet eens uitspreken tijdens de persconferentie, anderen zouden de puntjes wel voor hem verbinden.

Het is vreemd dat deze ervaren journalist toegeeft dat anderen de puntjes voor De Wever verbonden, maar geen kritiek levert op de journalistiek. Nochtans zijn het journalisten die binnen het terrorisme frame over de gebeurtenis berichtten. Niemand heeft hen daartoe verplicht. Er blijven dus twee mogelijkheden over: ofwel liet de media zich meeslepen door de suggestie van Bart De Wever ofwel werd er gesensationaliseerd om lezers aan te trekken.

Het wordt tijd dat journalisten in eigen boezem kijken en vooral hun rol in de angstzaaierij niet op iemand anders afschuiven. Kwaliteitsvolle journalistiek moet zich niet bezig houden met sensationalisering, maar op een complete, nauwkeurige en genuanceerde manier berichten. Iets waar ze in het Antwerpse geval niet in zijn geslaagd.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *