Opsporing verzocht: een homoseksuele voetballer

cropped-logo-klein2.jpg

Opsporing verzocht: een homoseksuele voetballer

Een populair gezegde wil dat een op de tien mannen homoseksueel is. Dat zou betekenen dat elke voetbalploeg ten minste één homoseksueel in haar rangen telt. Toch zijn er erg weinig homoseksuele voetballers bekend, en blijft homoseksualiteit een taboe in de voetbalwereld. Hoog tijd om daar verandering in te brengen, vindt een homoseksuele (ex-)voetballer die voor GeSpot zijn verhaal doet.

“Ik heb er nog elke dag spijt van.” Jens (schuilnaam, red.) nipt beheerst van een glas cola. “Hoe kon ik nu zo laf zijn, zo kleinmoedig?” Enigszins beschaamd kijkt hij naar het plafond van het café waar we elkaar ontmoeten. Jens heeft heel zijn jeugd gevoetbald. Jarenlang was hij bij de plaatselijke club van zijn dorp de vaste rechtsachter, gekend voor zijn lange rushes en scherpe voorzetten. Hij leek een voetballer zoals dertien in een dozijn. Stoer, mannelijk en heteroseksueel. Maar dat laatste was Jens niet.

Jens drinkt nogmaals van zijn glas cola. Ditmaal een grote slok, alsof hij zich een laatste keer moed wil indrinken. Dan begint hij zijn verhaal. “Het was in de loop van het vierde middelbaar dat het me voor het eerst opviel. Ik voelde mij anders dan de overige jongens in de klas.” Anders… Het valt op hoe Jens het woord ietwat gedempt uitspreekt, alsof hij er zich lichtjes voor schaamt. “Ik voelde mezelf snel comfortabel met mijn homoseksualiteit, en kon er ook met mijn ouders goed over praten. Maar met mijn klasgenoten sprak ik nooit over mijn homoseksualiteit, en ook op de voetbal zweeg ik er in alle talen over. Ik wachtte op het goede moment om hen op de hoogte te brengen.”

Dat wachten duurde uiteindelijk langer dan gepland. “Ik dacht van mezelf dat ik sterk genoeg zou zijn om het aan iedereen te vertellen, maar daar vergiste ik me in. Hoe vaak gebeurde het niet dat ik me ’s ochtends voornam het te zeggen om dan later die dag mijn plannen weer op te bergen?” Jens bleef maar wachten op het goede moment. Weken werden maanden, maanden werden jaren en voor hij het goed en wel besefte was hij afgestudeerd aan de middelbare school en wisten zijn klasgenoten en voetbalmaats nog altijd niet dat hij homoseksueel was.

“Toen ik naar de Hogeschool ging heb ik de klik gemaakt. Ik kwam in een nieuwe omgeving terecht waar ik niemand kende, dat vormde een ideaal moment om me te outen. Mijn nieuwe schoolgenoten hadden geen weet van de ‘heteroseksuele Jens’, zij kenden alleen de ‘homoseksuele Jens’. Een opluchting.” Ondertussen was Jens wel gestopt met voetballen, zonder dat hij zijn ploegmaats op de hoogte had gebracht van zijn geaardheid. Maar Jens wijst categoriek af dat het ene verband houdt met het andere. “Ik wil duidelijk stellen dat ik niet gestopt ben omwille van mijn homoseksualiteit. Ik lag goed in de groep en had geen angst voor de reacties van mijn ploeggenoten, maar ik vond gewoon het gepaste moment niet om het met hen te delen.” Alsof hij zijn woorden kracht bij wil zetten drinkt Jens wat er nog rest van zijn glas cola in één slok leeg. Ogenblikkelijk bestelt hij een tweede glas.

Spijt komt altijd te laat

Achteraf heeft Jens er veel spijt van dat hij zijn voetbalmaats niet op de hoogte heeft gebracht van zijn homoseksualiteit. “Nu ik er op terugblik vind ik mijn gedrag weinig respectvol tegenover mijn ploegmaats. Precies alsof ik hen niet vertrouwde. Na mijn outing zeiden veel van mijn vroegere voetbalvrienden dat ze absoluut geen probleem gehad zouden hebben met mijn geaardheid. Ze vonden het zelfs jammer dat ik het al die tijd verzwegen heb. Die woorden hebben me wel aan het denken gezet.”

Maar er speelde nog een andere factor die Jens ervan weerhield zijn homoseksualiteit aan het grote publiek bekend te maken. “Stel dat het nieuws van mijn outing zou doorsijpelen naar spelers en supporters van andere clubs, zouden zij dat dan aangrijpen om mij te intimideren en te bespotten?” Onrustig drinkt Jens van zijn cola. “Daarom snap ik al te goed dat spelers uit eerste klasse zich niet durven outen. Als ik op mijn bescheiden niveau al vreesde dat mijn geaardheid op de korrel genomen zou worden, hoe moet een homoseksuele speler uit de hoogste afdeling zich dan niet voelen? Die zou volgens mij wekelijks de risee zijn van hele tribunes.”

Je suis Kompany

“Je kan het zo bekijken.” Jens wijst naar zijn glas cola. “Het glas is halfvol. Wie zich out als homofiele voetballer zal de steun van de publieke opinie krijgen, hij zal uitgroeien tot een rolmodel en iedereen zal zijn lef en moed prijzen. Maar het glas is tegelijkertijd hafleeg. De kans is ontzettend groot dat de homoseksuele speler tot het einde van zijn carrière te maken zal krijgen met homofobe reacties van andere supporters. En spijtig genoeg zien homoseksuele voetballers het glas doorgaans halfleeg.” Jens’ toon verraadt een brok frustratie.

“Men voorspelt nu al jaren dat het taboe doorbroken zal worden, maar eigenlijk is er nog niets veranderd. Ja, in Amerika hebben zich enkele homoseksuele voetballers geout, maar zij zijn hier niet bekend dus dat heeft weinig veranderd.” Jens staakt enkele ogenblikken zijn verhaal. Hij lijkt diep na te denken over wat hij wil zeggen. Dan begint hij opnieuw : “Het taboe zal pas doorbroken worden als een voetballer uit de Belgische eerste klasse of uit een andere grote Europese competitie zich out. Of een Rode Duivel, een speler met naam en faam als Vincent Kompany bijvoorbeeld. Ik zie iedereen in de tribunes al zitten met een bordje je suis Kompany.” Een ondeugend lachje vormt zich op Jens’ lippen.

“Maar het grote probleem van homoseksuele voetballers”, zegt Jens plots weer erg ernstig, “is dat ze er stuk voor stuk van uitgaan dat een andere speler zich wel eerst zal outen. Niemand wil de spits afbijten. Daarom ben ik ervan overtuigd dat, eenmaal een bekende speler uit de kast gekomen is, een groot aantal zal volgen. En hopelijk gebeurt dit zo spoedig mogelijk.”

‘Alle boeren zijn homo’s!’

De voetbalwereld wordt geregeld opgeschrikt door homofobe incidenten. In Zweden werd in 2012 een heel elftal geschorst omdat het de tegenstander homofoob beledigd had, en de wereldvoetbalbond FIFA tikte onlangs de voetbalbonden van enkele Zuid-Amerikaanse landen op de vingers omdat hun supporters homofobe leuzen scandeerden tijdens interlands. In België staat het laatste incident op naam van voormalig AA Gent-speler Benito Raman. Die zweepte na een overwinning de Gentse supporters op met het liedje alle boeren zijn homo’s!, verwijzend naar de fans van grote concurrent Club Brugge. Een ‘grapje’ dat niet werd gesmaakt door de Belgische voetbalwereld. Raman werd zwaar gestraft.

“Het liedje van Raman? Een erg pijnlijke zaak.” Jens reageert al zuchtend. “Maar eigenlijk neem ik het die jongen niet kwalijk, ik kan moeilijk geloven dat zijn actie doelbewust homofoob was. Maar ik stel me wel vragen bij de tekst van het liedje.” Jens’ stemkleur wordt plots grimmiger. “Waarom moeten de boeren net homo’s zijn, en niet dwazen, sukkels of losers? Die woorden passen perfect in het ritme, en ook de plagende ondertoon blijft dezelfde.” Jens kan zijn verontwaardiging nauwelijks verbergen. “Dat is nu eens een typisch voorbeeld van indirecte en onbedoelde discriminatie ten aanzien van homoseksuelen. Daar stoor ik me pas keihard aan. En het is alomtegenwoordig, hoor. Wil je nog enkele voorbeelden?” Zonder mijn antwoord af te wachten gaat Jens door. “Neem nu een programma als De Slimste Mens Ter Wereld. Een topquiz, daar niet van, maar als de kandidaten trefwoorden moeten zoeken van een homoseksueel persoon is ‘voor de mannen’ of ‘voor de vrouwen’ altijd een van de oplossingen. Waarom? Van een heteroseksueel persoon vragen ze toch ook nooit de geaardheid. Daar zitten uiteraard geen kwade bedoelingen achter maar op die manier leggen de makers van de quiz wel de nadruk op de andersheid van homoseksuelen.”

Jens geeft een tweede voorbeeld. “Hetzelfde geldt voor de soap Thuis. Ik vind het uiteraard top dat er homoseksuele personages in de serie verwerkt zijn, als dat de ogen opent van homofobe kijkers, des te beter. Maar moet de nadruk zo expliciet op hun homoseksualiteit gelegd worden? Opnieuw beklemtonen de scenaristen op die manier onbewust de andersheid van homoseksuelen.” Jens heeft een alternatief in gedachten. “Zou het niet beter zijn om een homoseksueel koppel in de soap op te voeren op exact dezelfde wijze als dat heteroseksuele koppels worden neergezet? Dus met alle aspecten die bij het liefdesleven komen kijken maar zonder de expliciete nadruk op het feit dat het koppel homoseksueel is. Dat zou in mijn ogen een enorme vooruitgang betekenen.”

Het gesprek zit erop. Onze glazen zijn leeggedronken en Jens en ik verlaten het café. Vlak voordat onze wegen zullen scheiden grijpt hij me plots bij de arm. Of ik toch echt kan verzekeren dat zijn anonimiteit gewaarborgd zal blijven. Ik stel hem gerust, en vraag vervolgens of Jens ons gesprek verder wil zetten als een topvoetballer uit de kast gekomen is. “Prima”, antwoordt hij, “maar ga er maar van uit dat het dan lang zal duren eer we elkaar terugzien.” Laten we hopen dat Jens ongelijk heeft.

Related posts

Leave a Comment