[Edito] Tja…

“Tja, je kunt dat niet niet doen”, antwoordt een redacteur als ik hem vraag of ik ook iets over Brussel moet schrijven. Maar er kropen al zoveel machteloze mensen in hun pen om zich uit te drukken, te dichten en te tekenen. Om met woorden te smeken om daden. Om de lichten aan het eind van de metrotunnel te beschrijven, of om die gitzwart te laten. Nogmaals verschenen dezelfde analyses, opiniestukken en edito’s als na Parijs en Istanbul, maar dan iets dichterbij. Ik weet het eerlijk gezegd ook niet meer.

Om 7.58 uur ontploften twee bommen in de luchthaven van Zaventem. Veertien doden. Misschien meer. Om 9.11 uur klonk een explosie in de metro nabij Maalbeek. Twintig doden. Om 9.12 is België een ander België, schrijft onze columniste Raïssa Dhondt. Haar nichtje zal opgroeien in een België na 22 maart.

Ons blad mag dan gaan over tegenstellingen, maar laten we die deze keer opzij schuiven en naar eenheid zoeken. Laat ons deze keer de woorden van premier Charles Michel ter harte nemen en maar één onderscheid maken: tussen ons en zij die ervoor kozen onze vijand te zijn. Laat ons het cynisme negeren, schrijft ook Joël De Ceulaer (De Morgen), en onze geesten en harten verbinden in één gezamenlijk project. Laten we ons, net zoals Rob Wijnberg van De Correspondent, bij die groep van nuchteren, genuanceerden en normalen voegen. Die groep “van nagenoeg iedereen” die snapt dat “we eigenlijk helemaal niet zo veel van elkaar verschillen”.

Al in het België van voor 22 maart probeerden we de tegenstellingen te overwinnen. Onze redactie vond voorbeelden genoeg. Het project ‘Kleine Kinderen, Grote Kansen’ geeft kansarmoede en diversiteit een plaats in de klas. Psychiatrische patiënten kunnen weer leven buiten de ziekenhuismuren en in de maatschappij. Bovendien wordt de drempel verlaagd om psychologische hulp te zoeken dankzij het online platform van zorggroep Eclips.

Laten we deze kans grijpen om niet op elkaars vuisten te lopen, maar om in elkaars armen te vallen. Brussel mag dan een dag lang een hellhole geweest zijn, binnenkort zal Brussel weer dromen en dansen. Het zal Brusselen, quoi.

Geef een reactie